maandag 19 september 2016

17 September, Frankfurt am Main: protesten tegen TTIP en CETA


Zaterdag 17 september j.l. werden er protesten georganiseerd in zeven Duitse steden tegen de vrijhandelsverdragen TTIP en CETA. Helaas vormden ook hier weer burgerlijke politieke partijen zoals Die Linke, de SPD en NGO-organisaties zoals ATTAC en Greenpeace de speerpunt van deze massa-demonstraties. 

Hun doelstelling was dan ook niet de afschaffing van het systeem, maar slechts het bestrijden van haar 'onethische' technocratische symptomen, die volgens hen te wijten zouden zijn aan een 'doorgedraaid' kapitalisme. Het antwoord van deze systeempartijen: meer transparantie en democratie ten opzichte van de dictatuur van de multinationals en het “redden” van arbeidsrechten, volksgezondheid en natuur door middel van kapitalistische hervormingen. Het mag duidelijk zijn dat dergelijke 'oplossingen' binnen het kapitalisme tot niets zullen leiden. Dit is dan ook de reden dat revolutionaire socialisten deze retoriek stellig verwerpen.

Burgerlijke organisaties domineren het protest 

Duizenden mensen kleuren de straten van Frankfurt/M

Vrijhandelsverdragen zoals het TTIP en CETA kennen een lange geschiedenis. Historisch gezien dienen deze verdragen ertoe om andere staten die buiten deze verdragen vallen te beperken in hun handel, import en export. Daarom neemt door deze verdragen de kans op een oorlog juist toe, in plaats van af zoals de betrokken bewindspersonen beweren. Daarnaast introduceert het een nieuwe vrijheid voor kapitalistische monopolies om nieuwe instituties te formeren, die de soevereine rechten van de deelnemende naties weg nemen. De monopolies eigenen zich het recht toe naties aan te klagen waarvan ze vinden dat hun nationale wetten hen begrenzen en claimen miljarden in compensaties.

Wat we momenteel dus zien is dat het imperialisme een groot deel van de heersende klasse uitsluit uit het bestuur van hun staat. De sterkste en meest agressieve kapitalistische monopolies zullen door middel van deze verdragen hele volkeren controleren. Hiermee heeft de ontwikkeling van het imperialisme dus een fase bereikt waarin het voor monopolies niet langer voldoende is om de staat van hun eigen land te beheersen. De sterkste en meest agressieve monopolies eigenen zich het recht toe om hun belangen tegenover natiestaten te behartigen, door de burgerlijke wetten en democratie buiten spel te zetten.

"Kapitalisten van alle landen, onteigent uzelf!"

De smeris houd zwaar materiaal achter de hand om militante actie in de kiem te smoren

Daarom namen enkele activisten van de ACN/AKN toch deel aan het protest in Frankfurt am Main als onderdeel van de massa (20.000 betogers volgens de organisatoren, de helft minder volgens de smeris) om een revolutionair geluid te laten horen. Er werden pamfletten en plakkaten verspreid. Het Duitse Anti-Kapitalistisches Kollektiv (AKK) dat tevens opriep om de anti-TTIP protesten te ondersteunen, agiteerde daarnaast ook door middel van verschillende prikacties langs de demonstratieroute. Hierbij werden 19 kameraden gearresteerd. Een marginale groep linksautonomen (ca. 50 man) probeerde (net als in Stuttgart) een klassenkämpferisch Zwart Blok in te richtten tijdens het protest, wat op de nodige aandacht van de smeris kon rekenen. Militante acties bleven verder deze dag echter uit. 


Deelnemende activisten van het AKK organiseerde ook verschillende prikacties tegen de TTIP en CETA langs de route en zelfs op het water


Zo'n 50 anarchisten probeerden tijdens de betoging een Black Bloc te formeren en werden 'gekesselt' door de smeris


Morgen, 20 september wordt er een internationale demonstratie tegen het TTIP en CETA in de E.U. hoofdstad Brussel (BE) georganiseerd. Tot ziens aan het front!

zaterdag 10 september 2016

Frankrijk: Wilde staking tegen de Staatsrepressie

De havenarbeiders in Le Havre hebben afgelopen woensdag (31 aug. jl.), als antwoord op de arrestatie van twee collega’s door de flics, in een wilde actie de gehele haven platgelegd. De arrestaties staan in verbinding met de gebeurtenissen tijdens de strijdbare massabetoging op 14 juni jl. in Parijs, waar honderdduizenden tegen de arbeidersvijandige wet-El Khomri hadden gedemonstreerd en waarbij het tot een reeks van uiterst miltante confrontaties met de CRS was gekomen.


Terwijl het tijdens de eigenlijke betoging vooral confrontaties betrof tussen het enkele duizend militanten omvattende (autonome) frontblok en de flics, vond er na afloop van de officiële betoging ook een uiterst heftige confrontatie plaats op en rond de centrale parkeerplaats van de bussen van de uit het gehele land toegestroomde vakbondsmilitanten. Hoewel de flics bepaald niet zuinig omsprongen bij de inzet van CS-gas (zoals we dat van hen gewend zijn!), kon dit niet verhinderen dat ze hier en daar goed op hun lazer kregen, m.n. door toedoen van de havenarbeiders uit Le Havre, die erom bekend staan bijzonder goed georganiseerd en militant te zijn.

Nadat het nieuws van de arrestatie van de beide collega’s de ronde had gedaan, ging onmiddellijk de gehele haven plat, met inbegrip van de containerterminal. Diverse schepen konden daardoor niet worden afgehandeld, andere zagen zich genoodzaakt naar elders te wijken.


Voorts werden op verschillende cruciale verbindingswegen van en naar Le Havre brandende barricades opgeworpen, o.a. de veerverbinding naar het Engelse Portsmouth werd daardoor lamgelegd. In de hoofdstad zelf liepen een paar honderd woedende arbeidersmilitanten te hoop voor het flikkencommissariaat, waar de twee opgepakte collega’s naar toe waren gebracht.

Pas nadat ’s avonds laat de betrokken collega’s weer op vrije voet waren gesteld, werd het werk weer hervat. Ook de landelijke leiding van de CGT-vakcentrale zag zich gedwongen – geconfronteerd met de militante stemming aan de basis – om haar onvoorwaardelijke steun te betuigen aan de beide opgepakte collega’s alsmede aan de wilde stakingsacties.




maandag 22 augustus 2016

8 augustus 1945: De grootste Terreuraanslag van de menselijke geschiedenis

Meer dan 200.000 onschuldige burgers vonden een afschuwelijke dood nadat Amerikaanse bommenwerpers twee atoombommen gooiden op de Japanse steden Nagasaki en Hiroshima op 6 en 8 augustus 1945. De vele duizenden die het nucleaire inferno wisten te overleven waren voor het leven getekend door afschuwelijke brandwonden en misvormingen. Deze verschrikkelijke daad van terreur - uitgevoerd in de naam van democratie - benadrukt het barbarisme van de kapitalistische-imperialistische wereldorde! De atoombom introduceerde een nieuw soort hel. Dat deden de Amerikaanse bommentapijten op burgers in Tokio enkele maanden eerder eveneens. Meer dan 100.000 onschuldige burgers kwamen hierdoor om het leven. De Amerikaanse gruwelijkheden tegen de Japanse burgerbevolking werd voorbereid door virulente racistische propaganda, waarin het Japanse volk systematisch werd ontmenselijkt.


Het bezoek van Barack Obama in mei dit jaar was het eerste bezoek van een zittende President aan het rampgebied. In zijn toespraak maakte hij echter duidelijk dat hij niet de moeite zou nemen excuses aan te bieden voor deze misdaad tegen de menselijkheid. Op hooghartige toon benadrukte hij dat landen met gigantische voorraden nucleaire wapens, zoals de VS, "de moed moeten hebben om van de logica van de angst te ontsnappen en een wereld zonder nucleaire wapens moeten nastreven." Lege woorden van een President die enkele maanden eerder nog een plan in werking zette om het Amerikaanse nucleaire arsenaal te moderniseren, met een kostenplaatje van 1 miljard dollar.

Hypocriete schijnvertoning van President Obama in Hiroshima

Het bezoek van Obama aan Hiroshima was onderdeel van een grote leugen. In de Amerikaanse media herhaalde hij de bedrieglijke lijn dat de atoombom nodig was om Japan haar overgave in de oorlog af te dwingen. Feitelijk was Japan echter al zo goed als verslagen op het moment dat President Truman werd ingelicht over het succes van de test met de atoombom in Alamogordo, New Mexico. Hij was toen in Potsdam, Duitsland, met Winston Churchill en Sovjet leider J. W. Stalin, om te spreken over de herverdeling van Europa na de overgave van Nationaal-Socialistisch Duitsland. Met Sovjet troepen die half Europa hadden bezet en die het voornemen hadden deel te nemen aan de strijd tegen Japan, waren de atoombommen vooral een duidelijke boodschap naar Moskou dat het Amerikaanse imperialisme wereldheerschappij na streefde en hierbij geen concurrentie zou dulden.

De atoombommen laten een ongekende verwoesting achter 

Dwight D. Eisenhower, de opperbevelhebber van de geallieerde strijdmachten in West-Europa, gaf tijdens een interview in 1963 toe dat Japan al bereid was om zich over te geven. Via gedecodeerde berichten was Washington al lang op de hoogte van de plannen van Japan om tot een vredesverdrag met de Amerikanen te komen. De VS drong echter bewust aan op een onvoorwaardelijke overgave, zodat ze ervan verzekerd waren dat Japan zich niet zou overgeven totdat de atoombommen werden geworpen. Als reactie op de nucleaire dreiging van het Amerikaans imperialisme, begon Moskou met succes haar eigen nucleaire arsenaal te ontwikkelen. Gedurende decennia hielp dit Sovjet arsenaal de hand van het Amerikaanse imperialisme te beteugelen. Echter, na de ineenstorting van de Sovjet Unie zagen de arrogante Amerikaanse heersers geen enkele obstructie meer voor hun streven naar complete wereldheerschappij.

Overlevenden blijven hun leven lang verminkt - generaties lang worden er misvormde kinderen geboren als gevolg van de nucleaire fall out

Het is duidelijk dat het Amerikaanse imperialisme nog altijd de grootste terrorist en massamoordenaar is. Tegenover de terreurcampagnes die Washington op de wereld heeft losgelaten lijken de militanten van bijvoorbeeld de Islamitische Staat koorknapen!

vrijdag 12 augustus 2016

Repressie in Europa: Welke 'Rechtstaat'!?

Maar liefst 30 Europese inlichtingendiensten komen één keer per maand op een geheime locatie bijeen in Nederland. Initiatiefnemer hiervan is de AIVD, die momenteel het voorzitterschap geniet binnen de 'Counter Terrorism Group' - de voortzetting van de 'Club de Berne'.

Na iedere aanslag op Europees grondgebied wordt de repressie alsmaar verder opgevoerd. Voorloper in deze ontwikkeling is onmiskenbaar Frankrijk dat al lange tijd een van de strengste 'antiterreur' wetgevingen van Europa heeft. Het land kent dan ook een lange traditie van het preventief opsluiten van vermeende 'radicalen', waarbij verdachten soms wel tot vier jaar moesten wachten, alvorens hun zaak achter gesloten deuren behandeld werd. Sinds de aanslagen bij Charlie Hebdo, de Bataclan en recent nog in Nice, heeft de Franse staat haar repressieve bevoegdheden nog verder uitgebreid en de zgn. rechtstaat definitief in de koelkast gezet. Zo heeft de Minister van Binnenlandse Zaken momenteel de bevoegdheid om zonder tussenkomst of controle van de rechterlijke macht, verdachten onder huisarrest te plaatsen, huiszoekingen te laten verrichten, de avondklok in te stellen en publieke gelegenheden te sluiten. In de drie maanden na de aanslagen in Bataclan werden er in Frankrijk maar liefst 3289 huiszoekingen verricht, waar bij slechts 28 gevallen aanwijzingen werden gevonden voor enige betrokkenheid bij terroristische activiteiten.

President Hollande inspecteert zijn moordcommando's 

Duitsland kent in veel opzichten een wat 'politiek-correcter' beleid. Tot op heden heeft de Duitse regering afgezien van de harde Franse maatregelen. Het land kent echter wel al een reeks strenge repressieve wetten die ingezet kunnen worden tegen 'radicale' organisaties. Zogeheten 'onverdraagzame organisaties', zelfs als deze niet expliciet tot geweld oproepen, kunnen rekenen op een verbod. Zo werden enige tijd geleden de Moslimbroederschap en enkele andere Salafistische organisaties op deze gronden ('onverdraagzaamheid') nog verboden. Anderzijds gebruikt de Duitse staat precies dezelfde wetgevingen om aan de lopende band radicaal-nationalistische organisaties te verbieden. Recent nog vonden er meer dan 60 huiszoekingen plaats bij mensen die zich op sociale media kritisch hadden uitgelaten over het Duitse asielbeleid. In buurland Oostenrijk zien we vergelijkbare ontwikkelingen. Daar werd juli j.l. Mirsad Omerovic, een Bosnische moslim, nog veroordeeld tot maar liefst 20 jaar (!) wegens "het ronselen voor de jihad."

Duitse anti-terreur eenheid valt Moskee binnen 

De meeste van deze repressieve wetten worden bewust vaag geformuleerd, zodat deze zo ruim mogelijk geïnterpreteerd kunnen worden. Misbruik ligt dus op de loer. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er steeds meer situaties bekend worden waarbij de zgn. 'anti-terreur' wetgevingen worden toegepast voor geheel andere zaken, zoals bijvoorbeeld bij politieke oppositie tegen de gevestigde burgerlijke orde. Zo werden vorig jaar november tijdens de VN-klimaatconferentie in Frankrijk verschillende activisten onder huisarrest geplaatst. Afgelopen mei gebruikte de Franse staat wederom haar repressieve bevoegdheden om vermeende 'radicale' activisten er van te weerhouden om deel te nemen aan de protesten tegen haar omstreden arbeiderswet (de Loi El Khomri/Loi Travial - zie elders op dit blog).


Gewapende marechaussee patrouilleren op Schiphol  

De nieuwe repressieve 'anti-terreur' wetgeving zorgt er voor dat alle waarborgen tegen de schending van mensenrechten komen te vervallen. Zonder enige tussenkomst van de rechter worden talloze mensen op basis van roddels preventief gearresteerd, onder huisarrest geplaatst en/of lang vastgehouden in detentie. De allerlaatste resten van de burgerlijke 'rechtstaat' lijken hiermee definitief achter de horizon te verdwijnen. Ook Nederland lijkt er niet aan te ontkomen. De druk op het Nederlandse 'antiterreur' beleid wordt met iedere aanslag in Europa groter. Nederland kent al de nodige repressieve wetten en bevoegdheden, al gaan deze wellicht nog niet zo ver als in Frankrijk en Duitsland. Echter, zodra er op Nederlands grondgebied een aanslag gepleegd wordt, zullen deze zware repressieve maatregelen ook hier maar al te snel hun intrede doen. Wees gewaarschuwd!

donderdag 11 augustus 2016

Werner Lass en Karl-Otto Paetel: Twee Duitse Nationaal-Bolsjewisten

Minder bekend dan Ernst Niekisch zijn Werner Lass en Karl-Otto Paetel, twee atypische vertegenwoordigers van het Nationaal-Bolsjewististische gedachtegoed. Louis Dupeux omschreef hen ook wel als de meest fascinerende stroming binnen de Conservatieve Revolutie.


In het hart van de Bündische Jeugd

Werner Lass werd op 20 mei 1902 geboren in Berlijn en was van 1916 tot 1920 lid van de Wandervogel. In 1923 werd hij verkozen als hoofd van de Bund Sturmvolk, waarvan een deel zich in 1926 aansloot bij de Schilljugend van de bekende Freikorps leider Gehrardt Rossbach. In 1927 scheidde Lass zich hier van af om de Freischar Schill op te richtten, een Bündische groep waarvan Ernst Jünger al snel de mentor werd en welke de 'strijd voor de grenzen', wandeltochten en militaire training tot haar belangrijkste activiteiten rekende.

Van oktober 1927 tot en met maart 1928 gaven Lass en Jünger gezamenlijk invulling aan het tijdschrift 'Der Vormarsch' dat in juni 1917 werd uitgegeven door een andere belangrijke Freikorps leider: Kapitein Ehrhardt. In zijn streven om de beperkte grenzen van de jeugdbeweging te doorbreken, stichtte hij de Wehrjugendbewegung. Volgens hem moest deze beweging "de hardheid van de frontsoldaten verbinden met de sterke prestaties en diepte van de jeugdbeweging, teneinde een nieuw type mens te creëren."

In augustus 1928 nam de Freischar Schill deel aan het Wereld Congres van Jeugdorganisaties in Ommen, Nederland. Lass maakte hier een grote impact door te protesteren tegen de 'kolonisering' van Duitsland en door de visums van Russische gedelegeerden te weigeren. Hetzelfde jaar nog werd hij gevangen gezet omdat hij beschuldigd werd van deelname aan de boerenopstand van Claus Heim, die Schleswig-Holstein deed opschrikken. Zijn beweging werd in veel steden verboden.

In 1919 begon de Freischar Schill te onderhandelen met de NSDAP. Deze onderhandelingen faalde echter al snel als gevolg van de exorbitante pretenties van de Hitlerjugend. In september 1929 richtte Lass een liga op met de Bund der Eidgenossen, welke al snel een Nationaal-Bolsjewistische positie adopteerde.

Bündische Jeugdbeweging

Die Kommenden en de Sociaal-Revolutionaire Nationalisten

Enkele maanden later in januari 1930 namen Werner Lass en Jünger het leiderschap over van de 'Die Kommenden'. Deze krant had een grote invloed op bijna alle Bündische jeugd. Lass schreef hier regelmatig artikelen voor.

Het was hier waar hij een ander belangrijk spilfiguur van het Nationaal-Bolsjewistische gedachtegoed tegen kwam: Karl-Otto Paetel. Paetel was ook in Berlijn geboren, op 23 november 1906. Net als Lass begon hij zijn carrière binnen de rangen van de Bündische jeugd, bij de Deutsche Freischar en de Bund der Kongener. Omdat hij uit een laag milieu kwam, was hij gedwongen zijn studie te beëindigen nadat zijn beurs werd ingetrokken als gevolg van een deelname aan protesten tegen het Young-Plan. Door zijn onmiskenbare rebelse geest werd hij ook uitgesloten uit de Deutsche Freischar in 1930, nadat hij in een artikel Hindenburg beledigd had.

Van 1928 tot 1930 verbond Karl-Otto Paetel, als directeur van het blad 'Das Junge Volk', de strijd voor nationale bevrijding aan de klassenstrijd. Zo schreef hij in 1929: "Alles voor de natie! ... de woorden van August Winnig, die stellen dat de bevrijdingsstrijd van de natie de strijd van de Duitse arbeider moet zijn, kunnen slechts tot een enkele conclusie leiden: het erkennen van de klassenstrijd als een feit en deze te strijden is in het belang van het gehele volk ... het te dragen als de weg voor een overwinning van het nationalisme."

In 1930 kreeg Paetel het leiderschap over Die Kommenden aangeboden door Lass en Jünger. In een artikel dat in het eerste deel van 1930 gepubliceerd werd, riep hij op "om er de woordvoerder voor alle nieuwe impulsen en gedachten van te maken die overal in de Duitse jeugd leefden, voor alle revolutionaire stromingen naar vernieuwing" en om "het blaffen van liberalen en de reactie die we als onze eeuwige vijanden erkennen" af te wijzen. Hij wilde de lijn van het Revolutionaire Nationalisme in dit blad uiteen zetten: "Wij claimen het gevecht tegen het systeem van kapitalistische uitbuiting, welke altijd de integratie van het Duitse proletariaat in het ensemble van het Duitse lot, op het interieur en exterieur van de Duitse ruimte, heeft proberen te voorkomen."

Enkele maanden later, eind mei 1930, richtte hij de 'Gruppe Sozialrevolutionarër Nationalisten' op. In een serie artikels in de editie van 27 juni 1930 werd er een manifest uiteen gezet voor het GSRN. Volgens Paetel is "de betekenis van de algehele economie enkel en alleen om in de behoeftes van de naties te voorzien en dus niet in rijkdom en winst." Er werd opgeroepen tot een "wereldwijde revolutie" en men zag het Bolsjewisme als een beweging van nationale bevrijding. Daarom streefde de GSRN een bondgenootschap met de USSR na, om de slavernij die opgelegd werd door de Westerse naties te breken: "Wij, sociaal-revolutionaire nationalisten, hebben een bondgenootschap met de Sovjet Unie nodig. Wij zien in alle onderdrukte volkeren, ongeacht tot welk ras zij behoren, onze natuurlijke bondgenoten."


Nationaal-Bolsjewisme en Nationaal-Socialisme

In de zomer van 1930 werd Paetel ontslagen bij Die Kommenden door de voorstanders van een meer klassiek nationalisme. In 1931 begon hij met de publicatie van Die Sozialistische Nation, een Nationaal-Revolutionair blad dat de klassenstrijd, een collaboratie met de KPD en de oprichting van "het Duitsland der raden" bepleitte. Het presenteerde zichzelf als de "niet-Marxistische, niet-materialistische sector van het socialistische front." Op zijn beurt publiceerde Lass in september 1932 een nieuw blad, Der Umsturz dat het Nationaal-Bolsjewistische orgaan moest worden voor "radicale nationalisten, socialistische radicalen en revolutionaire activisten van alle stromingen." Hierin stond te lezen dat: "Bolsjewisme werd voorgesteld als de kern van al hetgeen dat destructief en desintegrerend was. Dan is het waar dat wij Nationaal-Bolsjewisten zijn, omdat de weg van de natie enkel kan voortkomen uit creatieve destructie."

De Nationaal-Bolsjewistische oriëntatie leek te worden bevestigd door de gebeurtenissen in de jaren 1930-1931, met de afsplitsing van de linkervleugel van de NSDAP enerzijds, en het nationale beleid van de KPD anderzijds. De Nationaal-Bolsjewisten vonden dat de NSDAP van Hitler was verburgerlijkt. Daarom schreef Lass in 1931: "Vandaag de dag kan de overtuigde nationalist van de NSDAP enkel de taak krijgen om de grote massa van de bourgeoisie te radicaliseren en deel te nemen aan de nationale desintegratie. Niets meer." Op 4 juli 1930 verliet Otto Strasser de NSDAP om de Strijdbond voor Revolutionaire Socialisten op te richtten. Echter, al snel kwamen er ook kritieken van de Nationaal-Bolsjewisten op de Strasseristische thesis, waarin zijn "socialisme tot 49%" en zijn terughoudendheid met betrekking tot een Russisch bondgenootschap sterk werden bekritiseerd.

Hiermee werd kloof tussen de Nationaal-Bolsjewisten en Nationaal-Socialistisch links groter. De hoop werd vooral gezet op de evolutie van de KPD. In augustus 1930 publiceerde het centrale orgaan van de KPD: Die Rote Fahne; het "Programma voor de Nationale en Sociale bevrijding van het Duitse Volk" dat veel aandacht besteedde aan het nationale vraagstuk. Door de communisten werd het gebruikt om de middenklasse te radicaliseren, door middel van een nationalistische argumentatie die een beroep doet op een "alliantie van alle werkende klassen" tegen de kapitalistische bezitters. Deze strategie leek over te slaan van het communistische kamp, naar het nationalistische kamp. Als reactie op deze Nationaal-Bolsjewistische lijn binnen de KPD, verdubbelde Paetel de debatten met communisten en gaf hij zelfs lezingen op hun bijeenkomsten. In 1932 riep hij op om op de communistische kandidaat Thaelmann te stemmen. Een jaar later, in 1933, publiceerde hij het Nationaal-Bolsjewistisch Manifest. De eerste edities werden op 29 januari geprint en verspreid tijdens de nacht dat Hitler aan de macht kwam.


Werner Lass werd in maart 1933 gearresteerd voor de opslag van explosieven en gevangen gezet. Nadat Freischar Schill en de Bund der Eidgenossen werden verboden, werd Lass lid van de Hitlerjugend, waarmee hij een uniek geval is onder alle Nationaal-Bolsjewistische leiders. In 1934 werd hij alsnog het land uitgezet. Paetel daarentegen zou nog vele keren worden gevangen gezet na de machtsovername door Hitler, alvorens hij in 1935 vluchtte naar Praag en van daaruit naar Scandinavië.

Vertaald van: Edouard Rix – Réfléchir & Agir – Zomer 2008, No. 29 _ Met dank aan InstituteNR